Videozittingen "on demand" | Bijdrage Mr. Simon Deryckere

Er werd een wettelijke basis voor de organisatie van videozittingen geïmplementeerd in het Gerechtelijk Wetboek. Het gaat niet om een dwingend kader, maar wel een mogelijkheid die aangereikt wordt "om de toegankelijkheid en klantvriendelijkheid van Justitie aanzienlijk te verbeteren" aldus kabinet Justitie. De rechtbank beslist (veelal) zelf of en wanneer een zitting al dan niet digitaal of hybride plaatsvindt. De praktijk zal dus moeten uitwijzen of deze mogelijkheid ruime ingang zal kennen.

In deze bijdrage geeft confrater Simon Deryckere van onze balie alvast zijn insteek hoe deze mogelijkheid best kan worden ingevuld.


Op 18 april jl. werd de wet gestemd tot zittingen per videoconferentie. De inwerkingtreding is voorzien op de 1ste dag van de derde maand na publicatie in het Belgisch Staatsblad (die eerstdaags wordt verwacht). U bent bij deze gewaarschuwd. De nieuwe regels laten veel ruimte voor invulling op het terrein. Balie en magistratuur zetten zich dus best samen over hoe, waar en wanneer? Graag geef ik alvast een voorzet. Maar eerst de nieuwe regels op een rijtje.

Algemeen uitgangspunt is dat de voorzitter beslist hoe de zitting wordt georganiseerd  (fysiek, digitaal of hybride). Dit geldt zowel in burgerlijke als in strafzaken. De voorzitter kan ambtshalve zitting per videoconferentie voorstellen, maar dit vereist in de regel wel het akkoord van de partij(en). Dit akkoord is individueel. Wil één partij fysiek verschijnen en de andere digitaal, dan kan dat met een hybride zitting. Een partij kan de voorzitter ook verzoeken om digitaal te mogen verschijnen. Maar de rechter is hier als dusdanig niet wettelijk door gebonden, zelfs niet indien alle partijen erom verzoeken. Een bijzonderheid in strafzaken is dat op de eerste zitting van de raadkamer waar een persoon verschijnt die werd aangehouden, deze aangehoudene steeds fysiek verschijnt. Daarnaast zijn er natuurlijk ook nog uitzonderingsbepalingen. Of wat had u gedacht? Onder meer voor Corona en andere rampspoed.

 

Hoe praktisch invullen?

In burgerlijke procedures verlopen alle zaken die geen pleidooi vergen, volgens mij best digitaal of hybride. Dit zijn in de eerste plaats de inleidingszittingen, met louter discussies over instaatstelling maar ook talloze zaken op verstek of verzoeken om uitstel. Fysieke verplaatsingen hiervoor veroorzaken onverantwoorde kosten, zowel in tijd als in geld (kiest u zelf maar welke van de twee het ergst is).

Ook voor de strafrechter kunnen de inleidingszittingen ten andere digitaal of hybride. Dit werd enkele jaren geleden al geïntroduceerd door de correctionele rechtbank te Mechelen.

Videozittingen kunnen ook een grote meerwaarde betekenen voor burgerlijke zaken met een deskundigenonderzoek. Toelichting waarom het onderzoek wel of niet vordert, is geen pleidooi. Bovendien zijn in dergelijke zaken uiteraard niet alleen partijen en raadslieden betrokken maar ook de deskundige. En als het gaat om bouwzaken, vele partijen en raadslieden. Veel agendaproblemen dus die kunnen worden opgelost.

In strafzaken (zowel raadkamer als vonnisrechter) zou het (vermeend) slachtoffer volgens mij steeds de mogelijkheid moeten hebben om de zitting digitaal bij te wonen. Ook al om ongewenst contact met de dader/beklaagde te vermijden. En al zeker in de raadkamer waar partijen fysiek vlak naast elkaar zitten. Ziehier de grote meerwaarde van de hybride zitting: de beklaagde fysiek, de burgerlijke partij digitaal. Iedereen tevreden.

Quid de navolgende zittingen in raadkamer bij herhaalde controle op de voorlopige hechtenis? Voorstanders van de zittingen op afstand wijzen op de grote kosten en risico’s van de transporten van gedetineerden naar en van de zittingszalen. 

Bij pleitzittingen dient het aantal videozittingen volgens mij beperkt te zijn en het fysiek pleidooi maximaal behouden te blijven. Maar het lijkt mij logisch dat indien alle partijen/raadslieden vragen om de pleitzitting digitaal te houden, dit zo gebeurt. In strafzaken is dat niet aan de orde, maar in burgerlijke zaken kunnen hiervoor goede redenen zijn. Denk maar aan de zaken met een beperkte financiële inzet, waar het nog belangrijker is kostenefficiënt te kunnen zijn. Of nog: zaken in kortgeding waarbij behandeling op de inleidende zitting wordt gevorderd.

 

Kort samengevat: zo weinig mogelijk bij pleitzittingen en zo veel mogelijk bij alle andere. En best van al, de hybride zitting. Wie wil gaat ter plaatse, wie digitaal verkiest, moet die mogelijkheid hebben.

U ziet, het is weer eens maatwerk.

 

Mr. Simon Deryckere is auteur van het boek "Justice in time" waarin hij een aanzet geeft voor aanpassing van procedureregels om gerechtelijke procedures te versnellen.

Blijf op de hoogte